Ons voorstel: een investeringsagenda voor de wetenschap

Nederland is door de coronapandemie in een ongekende maatschappelijke en economische crisis geraakt. Niet alleen de zorg, maar het totale maatschappelijke systeem en onze economie staan onder grote druk. De universiteiten kunnen met onderwijs, onderzoek en innovatie een essentiële bijdrage leveren aan het herstel en aan een wend- en weerbaar Nederland. Investeren in de kennissector, en in het bijzonder de universiteiten, is daarom van groot belang. In onze brief aan de informateur vragen we het volgende kabinet daarom om € 1,1 miljard te investeren in de universiteiten.

Het voorstel van de Kenniscoalitie: investeer in onderzoek en innovatie

Nederland heeft de ambitie uitgesproken 2,5% van haar BBP aan onderzoek en innovatie (R&D) te besteden. We hebben deze ambitie, omdat we weten dat onze welvaart ook in de toekomst zal afhangen van onze kracht als kenniseconomie. Daarvoor is continue vooruitgang op het gebied van onderzoek en innovatie nodig: nieuwe ideeën, nieuwe producten, nieuwe oplossingen. Maar Nederland loopt internationaal ver achter. In de praktijk geven we slechts iets meer dan 2% uit aan R&D. En dat terwijl landen als Duitsland, Zweden, Zwitserland en Denemarken ongeveer 3% uitgeven en Duitsland er zelfs aan werkt dit te verhogen naar 3,5% (zie hier voor de grafiek R&D financiering). Als Nederland een succesvolle kenniseconomie wil blijven, dan zijn extra investeringen vanuit overheid én bedrijfsleven dus hard nodig.

De Nederlandse kennisinstellingen en het Nederlandse bedrijfsleven – verenigd in de Kenniscoalitie – hebben voorgesteld dat het volgende kabinet een stabiel groeipad inslaat. Door jaarlijks de publieke investeringen in R&D met 300 tot 380 miljoen euro te verhogen, zijn deze aan het eind van de kabinetsperiode ruim een miljard hoger. Zo versterken we stapsgewijs de Nederlandse kennissector. En daarmee de Nederlandse samenleving en economie.

Het overgrote deel van deze middelen wil de Kenniscoalitie inzetten voor de brede basis van het onderzoek‐ en innovatiebestel. De afgelopen jaren lag de focus immers vooral op thematisch onderzoek dat sneller resultaat moest opleveren. Maar alleen met heel gericht korte termijn onderzoek redden we het niet. Voor een sterk kennisecosysteem is juist ook ruimte nodig voor ongebonden onderzoek. De Kenniscoalitie stelt daarom voor om de extra middelen onder meer te gebruiken voor verhoging van de basisfinanciering van universiteiten: om talentvolle wetenschappers aan te nemen en te behouden, om ongebonden onderzoek in de breedte mogelijk te maken en om te investeren in de beste onderzoeksfaciliteiten bij de kennisinstellingen. Dat dit hard nodig is bleek recent nog. Onderzoeksbureau PwC concludeerde na een vraag van de Tweede Kamer dat de bekostiging van universiteiten tekort schiet: er is een investering van €1,1 miljard nodig om het niveau van het academisch onderwijs en onderzoek in Nederland te handhaven.

Extra investeringen van de overheid in R&D zijn niet alleen waardevol op zichzelf. Ze vormen ook de sleutel tot de verhoging van investeringen door bedrijven. Zo zorgen we, in combinatie met de investeringen die al zijn aangekondigd via het Groeifonds, voor een goede balans tussen investeringen in de basis en in thematisch onderzoek. Dit groeipad is hieronder uitgetekend.

Voorstel Kenniscoalitie: publieke investeringen en private prognose

Ons aanbod: wat gaan de universiteiten doen met deze extra middelen

De universiteiten hebben een agenda opgesteld die duidelijk maakt wat ze met de extra middelen voor de samenleving kunnen realiseren. In deze agenda staan drie prioriteiten centraal:

1.

Samenwerking met impact op de maatschappelijke uitdagingen en het verdienvermogen van Nederland

De universiteiten willen onder meer investeren in onderzoek in regionale ecosystemen (denk aan Brainport Eindhoven) en in nauwe thematische samenwerking (denk aan gezamenlijk onderzoek op het gebied van AI). Maar ze willen hun impact ook vergroten door het aantal academische start-ups te vergroten en meer studenten ondernemerschapsonderwijs te laten volgen. Ook staan de universiteiten klaar om te investeren in interdisciplinair onderzoek naar de grote maatschappelijke uitdagingen van Nederland en de wereld. Denk aan de energietransitie en bestrijding van pandemieën.

2.

Open & connected: vernieuwd aanbod voor de 21e eeuw

Wat studenten en de samenleving van universiteiten verwachten verandert. Het aanbod van de universiteiten verandert mee. Zo willen de universiteiten investeren in onderwijsinnovatie: kleinschalig en innovatief onderwijs online en on campus. Ook neemt de vraag naar onderwijsmodules voor werkenden toe: leven lang ontwikkelen op de universiteit. De Nederlandse universiteiten willen daarnaast voorop blijven lopen in de ontwikkeling van open access & open science: de nieuwste kennis ontwikkelen we samen en is direct voor iedereen beschikbaar. Daarnaast spelen we in op de veranderende vraag van de arbeidsmarkt. Zo willen we investeren in lerarenopleidingen en de digitale kennis en vaardigheden van zoveel mogelijk studenten.

3.

Ruimte voor talent

Om onze ambities waar te maken, moet de basis van de universiteit op orde zijn. Daarom is het nodig de druk op wetenschappers te verlagen en de ruimte voor jong talent te vergroten. We willen meer ruimte creëren voor jonge wetenschappers om onderzoek te doen op basis van hun nieuwsgierigheid of om zich te concentreren op innovaties in het onderwijs. Het programma Erkennen & Waarderen is hiervoor een belangrijke pijler.

Voor het waar maken van deze ambities is het belangrijk om extra middelen gericht te investeren. Zo willen de universiteiten inzetten op rolling grants: eigen budgetten voor wetenschappers waarmee we ruimte geven aan talent. We willen investeren in onderzoeksfaciliteiten voor top onderzoeken. En we willen investeren in sectorplannen. Hierin maken wetenschappers van alle universiteiten afspraken over de meest effectieve besteding van extra middelen in hun discipline. Met als doel voor ogen: innovatief en kleinschalig onderwijs, baanbrekend onderzoek van wereldniveau en maximale impact op de samenleving.

Kijk voor meer informatie over deze ambities op www.vsnu.nl.

Share on twitter
Share on email
Share on linkedin
Share on facebook